
■ Koppelen en verbinding maken met een
ander apparaat
Voordat u de carkit kunt gebruiken, moet u deze afstemmen op
(koppelen aan) een compatibele mobiele telefoon of compatibel
muziekapparaat dat draadloze Bluetooth-technologie ondersteunt,
en er een verbinding mee laten maken. Zie ’Draadloze Bluetooth-
technologie’, op pagina 5 voor meer informatie over Bluetooth-
verbindingen en de ondersteunde Bluetooth-profielen.
Wanneer uw apparaat via draadloze Bluetooth-technologie op de carkit
is aangesloten, kunt u het apparaat bijvoorbeeld in een tas laten zitten
wanneer u de carkit gebruikt. Als u de batterij in uw compatibele Nokia-
apparaat wilt opladen terwijl u de carkit gebruikt, moet u het apparaat
via de meegeleverde oplaadkabel op de carkit aansluiten.
U kunt de carkit koppelen aan maximaal 8 apparaten, maar u kunt
gelijktijdig slechts verbinding maken met één apparaat dat het HFP
Bluetooth-profiel ondersteunt en één ander apparaat dat het A2DP
Bluetooth-profiel ondersteunt.

A a n d e s l a g
9